Lesbrief bij de les: Wilde dieren in Nederland

Lesbrief - Wilde dieren in Nederland

Introductie

Hoe overleven wilde dieren in Nederland?

In deze lesbrief vindt u voorbereidings- en verwerkingsmateriaal bij de les 'Wilde dieren in Nederland' voor de groepen 3 en 4.

In Nederland wonen wilde dieren. Alle dieren die geen huisdier zijn, zijn wild. Konijnen, muizen en tuinvogels kennen de leerlingen al wel. Maar wilde dieren zoals het edelhert, de egel, de roerdomp, de otter en de das worden nog weleens vergeten. In deze museumles ontdekken de leerlingen waar deze wilde dieren in Nederland wonen en hoe ze leven.

Door in groepjes opdrachten te doen, ontdekken de leerlingen hoe de verschillende dieren leven en overleven. In ons volgebouwde Nederland met veel drukke autowegen is dat laatste nog niet zo eenvoudig. Gezamenlijk bedenken we welke oplossingen daarvoor te vinden zijn. Spelenderwijs richten de leerlingen in groepjes een diervriendelijk landschap in. Worden de oplossingen die wij hier met elkaar bedenken en bouwen voor de dieren ook in het echt gemaakt?

Dassen in de zaal 'Leefruimte voor mens en dier'

Dassen in de zaal 'Leefruimte voor mens en dier'

Voorbereiding

Roerdompen in de zaal 'Leefruimte voor mens en dier'

Roerdompen in de zaal 'Leefruimte voor mens en dier'

Voor u naar het Museon komt kunt u samen met de leerlingen nadenken over het voorkomen en leven van wilde dieren in Nederland.

  • Zijn ze weleens wilde dieren tegen gekomen? Welke? Denk aan bos-, strand- en duinwandelingen.
  • Is een dier dat in de dierentuin woont ook een wild dier?
  • Hoe komen wilde dieren aan hun eten?

Big Five grootste wilde dieren Nederland zijn:

  1. edelhert, is het grootste in het wild levende dier van Nederland.
  2. wilde zwijn
  3. ree 
  4. das
  5. vos

U kunt de wilde dieren die in Nederland leven hier checken. 

Als voorbereiding op de les in het Museon kunt u het filmpje van School TV bekijken dat gaat over een oversteekplaats voor dieren.

Thumbnail

Of bekijk dit filmpje van School TV waarin juist een natuurverbinding wordt gemaakt onder een snelweg door.  

Thumbnail

In het Museon

Wat zijn wilde dieren?

De les wordt gegeven in de zaal 'Leefruimte voor mens en dier' waar we beginnen met het bespreken van wat we precies bedoelen met ‘wilde dieren’. Tellen dierentuindieren ook mee? Ook ontdekken de leerlingen meer over het leven van de diverse dieren die in de leszaal te zien zijn. Weten ze hoe het komt dat je de roerdomp zelden ziet in het riet en dat dassen een matras maken om op te slapen? En waarom worden er soms speciale bruggen en tunnels voor deze dieren gebouwd?

Zelf op onderzoek in de zaal

Na een korte uitleg gaan de leerlingen in kleine groepen zelfstandig aan het werk. Bij verschillende opgezette dieren in de leszaal voeren ze opdrachten uit, waarbij ze o.a. ook de stekels van een egel kunnen voelen, een opgezette hond mogen aaien en door een dassentunnel kunnen kruipen. Door de opdrachten ontdekken de leerlingen wat deze  dieren nodig hebben om fijn en veilig te kunnen leven. Helaas is Nederland volgebouwd met drukke autowegen, spoorrails, grote steden en bedrijven. Dat maakt het leven voor veel dieren lastig! Met elkaar bedenken we daar oplossingen voor.

Landschap maken voor mens en dier

Na deze activiteiten passen de leerlingen hun nieuwe verworven kennis toe bij het herinrichten van  een verstedelijkt landschap.  Met dieren, auto’s, tunnels, bruggen, water en groen vormen ze het landschap om tot een plek waar mensen én dieren elk goed samen kunnen leven. Van de eindresultaten mogen natuurlijk foto’s gemaakt worden.

Speelmat met otters en een vis

De otters op de speelmat vangen een vis. Foto: Museon

Verwerking

Egel op de speelmat

Een egel steekt veilig over via een tunnel. 

Onderstaande activiteiten zijn afzonderlijk beschreven, maar ook erg goed te integreren tot een geheel.

  • Veilig naar school? Welke hindernissen komen de leerlingen tegen op weg naar school? En welke oplossingen zijn daarvoor bedacht? Een zebrapad voor een drukke weg? Of stoplichten?
  • Verkeersborden voor dieren? Weet een muis wat een stoplicht betekent? Kan een muis veilig van jouw huis naar jouw school toelopen of naar het gymlokaal verderop in de wijk? Loop met je leerlingen een bekende route of je wekelijkse vaste en tel met elkaar hoe vaak deze route voor een muis onveilig zou zijn, omdat hij de betekenis van stoplichten en zebra’s niet kent. 
  • Welke wilde dieren leven er in onze wijk? Na een oriënterend wandelingetje buiten wordt er met de groep een lijst gemaakt.
  • Daarna kiezen de leerlingen van de lijst een dier en tekenen/schilderen een verkeersbord voor dieren: pas op voor de overstekende muis!      
  • Ook op school kan een diervriendelijk landschap worden ingericht. Gebruik dieren, bruggen en tunnels die de kinderen zelf gemaakt hebben van: klei, papier-maché, wc-rollen etc.

 

Suggestie voor een bewegingsles

  1. Er zijn 3 groepen, dassen, eekhoorns en auto’s
  2. Klem tussen twee kasten dubbelgevouwen matten voor de dassen (1e groep).
  3. Maak een trap op het klimrek als veilige plek voor de eekhoorns (2e groep.
  4. Tussendoor rijden auto’s (3e groep) 
  5. De eekhoorns en dassen moeten veilig van de ene plek naar de andere kunnen komen zonder geraakt (getikt) te worden door een auto.

Ook op school kan een diervriendelijk landschap worden ingericht. Gebruik dieren, bruggen en tunnels die de kinderen zelf gemaakt hebben van: klei, papier-maché, wc-rollen etc.

En nu zelf aan de slag

Er zijn grote wilde dieren maar ook kleine. De kans is groot dat er rond de school en misschien ook thuis in de tuin of struiken wilde dieren leven. Denk maar eens aan vogels, egels, mieren, bijen etc. 

Welke dieren denken de leerlingen dat er rond school of thuis leven?

Maak een opsomming op het bord. Daarna gaan de leerlingen oplossingen bedenken voor de dieren, zodat ze een beter leven hebben in de stad. Denk ook aan de zomer en winter. 

Zaadbommen maken in lente

Pinda's of fruit rijgen in de winter

Zorgen voor stenen (insecten) en struiken (vogels) en holletjes (egels) waar dieren onder en in kunnen schuilen

Maak een insectenhotel en zet hem bij de plekken waar je zaadbommen gooit. 

Naar boven