De vondst in 1860 van een veer, een jaar later gevolgd door een vrijwel complete vogel, was een enorme sensatie. Ze vielen bijna samen met de publicatie door Charles Darwin van zijn Origin of Species een jaar eerder. Het was een stevige ondersteuning van zijn evolutietheorie. De ontdekker noemde het fossiel naar de veer: Archaeopteryx lithographica wat letterlijk `Oude veer in steen afgedrukt` betekent. Lang niet iedereen geloofde toen in een vogel. Na veel onderzoek ook aan andere vondsten is gebleken dat Archaeopteryx niet de oudste maar toch een van de eerste vogels was.
Met het verschijnen van de gevederde dinosaurussen begon een nieuw hoofdstuk in de evolutie. De lucht raakte snel bevolkt door een nieuwe groep met vleugels en veren die bovendien een hoge lichaamstemperatuur handhaafden. In korte tijd was de lucht vol met een groot aantal vogelsoorten, die al gauw de dinosaurussen achter zich lieten. Was Archaeopteryx een goede vlieger en wat maakt hem tot vogel en dinosaurus tegelijk?
Reptiel of vogel?
Archaeopteryx heeft behalve vogelveren ook veel reptielenkenmerken. In zijn ongesnavelde bek zitten kleine tandjes. De staart bestaat uit een groot aantal wervels waarlangs de veren zijn ingeplant. Vogels hebben een snavel en missen tanden. Verder hebben ze wel een lange staart, maar slechts een paar staartwervels. Archaeopteryx was in zijn tijd al ouderwets, een `levend` fossiel.





